Soms heb je van die weken, die voorbij zijn voordat je er erg in hebt. Zat ik vorige week zondag nog vol smart te wachten tot m’n ouders, Jos en Felix al toeterend mijn straat in kwamen rijden, afgelopen donderdag zwaaide ik ze alweer uit richting Nederland. Zoals jullie zullen begrijpen, was het een lekker toeristisch weekje, en moest ik in het weekend weer flink wennen aan de stilte in mijn huisje en het lege bed waar ik elke avond in kruip.
Het was een week vol heuglijke momenten.
Zo mag ik mij vanaf half november de trotse eigenaar van een mooie gemeubileerde kamer van 18m2 in het gemütliche Friedrichshain noemen (en verlaat ik met een beetje pijn in mijn hart Kreuzberg, waar het ook goed toeven is).
Zaterdag heb ik met een paar andere Erasmusstudenten de bil- en beenspieren getraind met een flinke fietstocht door Potsdam. Eerst met het fietsje in de S-Bahn, wat een belevenis op zich is, daarna energie tanken met een stomende Milchkaffee en een behoorlijke punt Käsetorte, en vervolgens zo’n dertig kilometer bikkelen. Maar dat was het meer dan waard hoor, want we hebben alle kasteeltjes, buitenhuizen, parken, en hofjes in en om Potsdam en Babelsberg kunnen aanschouwen.
Ik heb deze week een overvolle agenda, met als kersje op de slagroom het bezoek/college van Ramsey Nasr en Luuk Gruwez aanstaande donderdag. Iets waar ik me erg op verheug, dus ik ga mij alvast storten op het bedenken van een aantal vlijmscherpe vragen die ik donderdag, heel intellectueel, op ze kan afvuren.
Maar het meest heuglijke van alles is misschien nog wel dat ik sinds het bezoek van mijn ouders een verse voorraad pindakaas, hagelslag en pepernoten heb. Nu nog boterhammen vinden zónder zuurdesem.
maandag 26 oktober 2009
vrijdag 16 oktober 2009
Het meisje en haar studentnummer.
Na een aantal slapeloze nachten vorige week, waarbij ik geplaagd werd door dromen over studieadviseurs die meewarig nee schudden terwijl ze me mededeelden dat die studie van mij nog wel een paar jaar gaat duren, over treinen terug richting Nederland omdat er geen plek meer was aan de Freie Universität, en over een bureaucratische International Office-kenau, heb ik maandag alle medewerkers van het International Office vol op de mond gezoend en een dansje door de universiteit gehupst, want ik heb na veel pijn en moeite een studentnummer.
Nou, dat mag in de krant hoor. Het was prettig kennismaken met de bureaucratie van de universiteit, na lang aandringen ging er in de krochten van het kantoor een lade open. Uit deze lade verscheen een prachtige grijze documentmap, met mijn naam er op. En in die documentmap zaten alle formulieren, accountwachtwoorden en studentnummers waar ik al twee weken naar smacht. Het mooiste van alles was misschien nog wel, dat al deze formulieren gedateerd waren op 23 september. Een bijzondere gang van zaken, zacht uitgedrukt, maar in ieder geval ben ik zo blij als een kind dat ik me eindelijk heb kunnen inschrijven voor mijn vakken, en terecht kan op Blackboard.
Precies op tijd. Het weer begint ernstige herfst- en winterverschijnselen te vertonen, het regent, waait en vriest wat af. Een goed moment dus, om na drie maanden ‘vakantie vieren’, om (ik zou bijna zeggen ‘eindelijk’) weer college te gaan volgen. Naast mijn stage, die overigens tot nu toe erg goed bevalt, volg ik nog twee vakken en een taalcursus Duits. Eén vak speciaal voor internationale studenten, genaamd ‘Erinnerungsorte in Berlin’. Dit gaat over verschillende monumenten en gedenkplaatsen in Berlijn en de perceptie daarvan door de jaren heen. Auf deutsch, dus dat is wel even aanpoten, maar gaat tot nu toe prima.
Het andere vak, ‘Niederländischsprachige Gegenwartsliteratur’, is ondanks de Duitse titel, gewoon lekker in het Nederlands. In november en december krijgen we gastcolleges van niemand minder dan Tommy Wieringa, verder gaan we in discussie met Ramsey Nasr, Naema Tahir en Luuk Gruwez, en kunnen we een bezoekje verwachten van Connie Palmen, Joost Zwagerman en Mustafa Stitou. Dat zijn in één zin al meer Nederlandse auteurs dan waar ik de afgelopen drie jaar Nederlands in Utrecht mee in aanraking ben gekomen.
Op donderdagmiddag en avond leer ik ook nog vier uur achter elkaar ‘vloeiend’ Duits te spreken (een woord dat ik eigenlijk helemaal niet meer in de mond mag nemen na de resultaten van mijn scriptie afgelopen collegejaar), samen met twintig andere studenten uit alle hoeken van de wereld. De docent is een verstrooide man van halverwege de zestig, die nog net geen heiβe Schoko meeneemt naar de colleges en verhaaltjes voorleest, dus dat is gezellig.
Nu geniet ik lekker van mijn vrije weekend (dat lekker het hele semester al op vrijdag begint), met een mopje muziek, koffie en Joe Speedboot. Zondagavond komen Felix, m’n ouders en broertje richting Berlijn voor een tolle week, dus ik zal dit weekend ook aan iets anders moeten geloven dat ik al drie maande niet meer heb gedaan: huiswerk.
Nou, dat mag in de krant hoor. Het was prettig kennismaken met de bureaucratie van de universiteit, na lang aandringen ging er in de krochten van het kantoor een lade open. Uit deze lade verscheen een prachtige grijze documentmap, met mijn naam er op. En in die documentmap zaten alle formulieren, accountwachtwoorden en studentnummers waar ik al twee weken naar smacht. Het mooiste van alles was misschien nog wel, dat al deze formulieren gedateerd waren op 23 september. Een bijzondere gang van zaken, zacht uitgedrukt, maar in ieder geval ben ik zo blij als een kind dat ik me eindelijk heb kunnen inschrijven voor mijn vakken, en terecht kan op Blackboard.
Precies op tijd. Het weer begint ernstige herfst- en winterverschijnselen te vertonen, het regent, waait en vriest wat af. Een goed moment dus, om na drie maanden ‘vakantie vieren’, om (ik zou bijna zeggen ‘eindelijk’) weer college te gaan volgen. Naast mijn stage, die overigens tot nu toe erg goed bevalt, volg ik nog twee vakken en een taalcursus Duits. Eén vak speciaal voor internationale studenten, genaamd ‘Erinnerungsorte in Berlin’. Dit gaat over verschillende monumenten en gedenkplaatsen in Berlijn en de perceptie daarvan door de jaren heen. Auf deutsch, dus dat is wel even aanpoten, maar gaat tot nu toe prima.
Het andere vak, ‘Niederländischsprachige Gegenwartsliteratur’, is ondanks de Duitse titel, gewoon lekker in het Nederlands. In november en december krijgen we gastcolleges van niemand minder dan Tommy Wieringa, verder gaan we in discussie met Ramsey Nasr, Naema Tahir en Luuk Gruwez, en kunnen we een bezoekje verwachten van Connie Palmen, Joost Zwagerman en Mustafa Stitou. Dat zijn in één zin al meer Nederlandse auteurs dan waar ik de afgelopen drie jaar Nederlands in Utrecht mee in aanraking ben gekomen.
Op donderdagmiddag en avond leer ik ook nog vier uur achter elkaar ‘vloeiend’ Duits te spreken (een woord dat ik eigenlijk helemaal niet meer in de mond mag nemen na de resultaten van mijn scriptie afgelopen collegejaar), samen met twintig andere studenten uit alle hoeken van de wereld. De docent is een verstrooide man van halverwege de zestig, die nog net geen heiβe Schoko meeneemt naar de colleges en verhaaltjes voorleest, dus dat is gezellig.
Nu geniet ik lekker van mijn vrije weekend (dat lekker het hele semester al op vrijdag begint), met een mopje muziek, koffie en Joe Speedboot. Zondagavond komen Felix, m’n ouders en broertje richting Berlijn voor een tolle week, dus ik zal dit weekend ook aan iets anders moeten geloven dat ik al drie maande niet meer heb gedaan: huiswerk.
woensdag 7 oktober 2009
Inburgeren voor gevorderden.
Een portemonnee vol met 1 en 2 centen, Pfand, Currywurst, vousvoyeren, Rittersport, tweedehandskleding per kilo kopen, Sprudel, Wetten, dass…?, formuliertjes, Krankenkasse, handtekeningen, fanatieke Scooter-fans, nagesynchroniseerde Engelse series en films (Grey’s Anatomy! The Hills! CSI!), die Duitsers kunnen er wat van.
Mijn eerste dagen als Einzelgänger in Berlijn verliepen chaotisch. Hoewel de introductiedagen best nuttig waren, zorgden ze er vooral voor dat mijn mede-internationale studenten en ik redelijk in de stress schoten. Formuliertje voor de inschrijving zus, bewijsje voor de zorgverzekering zo, pasje voor de mensa hier, nummertje voor het inloggen daar. En als je voor dit alles dan ook nog eens uren in de rij moet staan, om vervolgens van de ene naar de andere balie te worden gestuurd (en weer terug), wordt het een lang, lang verhaal over een kast en een muur.
Nou was ik niet van plan om me de moed per direct in de schoenen te laten zinken, dus vanaf maandag gaan we er met een stapel formuliertjes gewoon weer fris tegenaan. En vanaf maandag beginnen ook, ik zou bijna zeggen “eindelijk”, mijn colleges en mijn stage!
Deze week had trouwens ook zo zijn pluspunten hoor. Zoals bijvoorbeeld de al eerder genoemde Rittersport, want man o man, wat heb je daar veel verschillende soorten en smaken van. Ik zou zeggen, elke week een andere, dan kom ik het komende half jaar zeker door. En het half jaar daarna met diëten.
Ik heb het ook nog niet over de universiteitsbibliotheek gehad, die ontzettend mooi en groot is. Waar je Vrij Nederland kunt lezen, en de hele Nederlandse literatuurgeschiedenis kunt vinden. Volgens mij is de gemiddelde Nederlandse bibliotheek nog niet zo goed gesorteerd. Je kunt er trouwens ook goed mensen kijken. Duitse studenten hebben de bijzondere gewoonte om in de bibliotheek in een prettige stoel neer te ploffen, hun schoenen uit te doen (en am liebsten ook nog hun sokken), en hun benen vervolgens op de dichtstbijzijnde tafel te leggen.
Morgen is de introductiedag voor de eerstejaars studenten Nederlands, met een Frühstück in het Germanistiekcafé. Vrijdag ga ik me inschrijven voor een cursus Duits, want ik dacht, nu ik hier toch ben kan dat er ook nog wel bij. En met mijn niveau viel het reuze mee! (voor de kenners: ik ben op B2 getest)
Liebe Leute, ik heb in een week tijd al meer meegemaakt dan ik in een paar woorden kan vertellen. Dus voor gedetailleerde verhalen over Duitse bouwvakkers, lekke banden, de Gemäldegalerie, de weigerende voordeur en het praktisch gratis eten in de mensa: ik ben bereikbaar via de mail, Skype, Hyves, Facebook, of gewoon lekker normaal, per post.
Mijn eerste dagen als Einzelgänger in Berlijn verliepen chaotisch. Hoewel de introductiedagen best nuttig waren, zorgden ze er vooral voor dat mijn mede-internationale studenten en ik redelijk in de stress schoten. Formuliertje voor de inschrijving zus, bewijsje voor de zorgverzekering zo, pasje voor de mensa hier, nummertje voor het inloggen daar. En als je voor dit alles dan ook nog eens uren in de rij moet staan, om vervolgens van de ene naar de andere balie te worden gestuurd (en weer terug), wordt het een lang, lang verhaal over een kast en een muur.
Nou was ik niet van plan om me de moed per direct in de schoenen te laten zinken, dus vanaf maandag gaan we er met een stapel formuliertjes gewoon weer fris tegenaan. En vanaf maandag beginnen ook, ik zou bijna zeggen “eindelijk”, mijn colleges en mijn stage!
Deze week had trouwens ook zo zijn pluspunten hoor. Zoals bijvoorbeeld de al eerder genoemde Rittersport, want man o man, wat heb je daar veel verschillende soorten en smaken van. Ik zou zeggen, elke week een andere, dan kom ik het komende half jaar zeker door. En het half jaar daarna met diëten.
Ik heb het ook nog niet over de universiteitsbibliotheek gehad, die ontzettend mooi en groot is. Waar je Vrij Nederland kunt lezen, en de hele Nederlandse literatuurgeschiedenis kunt vinden. Volgens mij is de gemiddelde Nederlandse bibliotheek nog niet zo goed gesorteerd. Je kunt er trouwens ook goed mensen kijken. Duitse studenten hebben de bijzondere gewoonte om in de bibliotheek in een prettige stoel neer te ploffen, hun schoenen uit te doen (en am liebsten ook nog hun sokken), en hun benen vervolgens op de dichtstbijzijnde tafel te leggen.
Morgen is de introductiedag voor de eerstejaars studenten Nederlands, met een Frühstück in het Germanistiekcafé. Vrijdag ga ik me inschrijven voor een cursus Duits, want ik dacht, nu ik hier toch ben kan dat er ook nog wel bij. En met mijn niveau viel het reuze mee! (voor de kenners: ik ben op B2 getest)
Liebe Leute, ik heb in een week tijd al meer meegemaakt dan ik in een paar woorden kan vertellen. Dus voor gedetailleerde verhalen over Duitse bouwvakkers, lekke banden, de Gemäldegalerie, de weigerende voordeur en het praktisch gratis eten in de mensa: ik ben bereikbaar via de mail, Skype, Hyves, Facebook, of gewoon lekker normaal, per post.
woensdag 30 september 2009
De eerste dagen in vogelvlucht.
Berlijn is prachtig en heeft nu al(weer) mijn hart gestolen! Ik kan geen andere conclusie bedenken voor mijn eerste dagen in Berlijn.
Vanochtend heb ik der Zug nach Holland met Felix erin uitgezwaaid vanaf Berlin Hbf, en daar ook een paar traantjes om gelaten. Gelukkig is het weer er niet naar om te gaan zitten treuren achter de geraniums, dus heb ik mijn verdrietige bui achtergelaten op het station, en zit ik nu prinsheerlijk op mijn balkonnetje met een kop koffie om verslag te leggen van de afgelopen dagen.
De eerste daagjes bestonden voor een groot deel uit
We hebben ons vergaapt aan de enorme bouwwerken in het Pergamonmuseum, gesmuld van de currywurst die je op elke hoek van de straat kunt krijgen, romantisch gearmd door de Hackesche Höfe gestruind, heerlijk gegeten in de goedkope Kreuzbergse restaurantjes en last but vooral not least ons in het zweet gewerkt tijdens een vijf uur durende fietstocht door Berlijn.
Die fietstocht zal ons nog lang in het geheugen gegrift staan. Niet alleen omdat we zo ongeveer alle belangrijke punten, straten en gebouwen in Berlijn hebben gezien en medelijden hadden met onze tourguide die elke dag dezelfde grapjes moet maken over de homo's in Tiergarten, maar vooral omdat we in tijden niet zo nat zijn geregend. Eén tip, vertrouw nooit op weeronline.nl! Van de regen in Berlijn word je niet minder nat dan van de regen in Nederland.
Morgen en vrijdag staan voor mij de eerste 'verplichtingen' voor de deur. 's Ochtendsvroeg even uitvogelen hoe ik zo snel mogelijk van mijn huis naar de universiteit fiets (volgens Google Maps is dit voornamelijk "immer gerade aus"), en dan de introductiedagen voor internationale studenten bijwonen. Leren hoe de computers aan de universiteit werken (en waar ze staan), kijken waar de bibliotheek is en (ook niet onbelangrijk) ontdekken of de Duitse spreekvaardigheid van mijn medestudenten net zo goed is als die van mij.
Tot die tijd ga ik mij bezighouden met het opruimen van mijn optrekje, koffers uitpakken, de was doen, boodschappen halen en vooral: van het weer genieten. Want die zonuurtjes in Duitsland moet je, net als in die Niederlande, koesteren.
Vanochtend heb ik der Zug nach Holland met Felix erin uitgezwaaid vanaf Berlin Hbf, en daar ook een paar traantjes om gelaten. Gelukkig is het weer er niet naar om te gaan zitten treuren achter de geraniums, dus heb ik mijn verdrietige bui achtergelaten op het station, en zit ik nu prinsheerlijk op mijn balkonnetje met een kop koffie om verslag te leggen van de afgelopen dagen.
De eerste daagjes bestonden voor een groot deel uit
We hebben ons vergaapt aan de enorme bouwwerken in het Pergamonmuseum, gesmuld van de currywurst die je op elke hoek van de straat kunt krijgen, romantisch gearmd door de Hackesche Höfe gestruind, heerlijk gegeten in de goedkope Kreuzbergse restaurantjes en last but vooral not least ons in het zweet gewerkt tijdens een vijf uur durende fietstocht door Berlijn.
Die fietstocht zal ons nog lang in het geheugen gegrift staan. Niet alleen omdat we zo ongeveer alle belangrijke punten, straten en gebouwen in Berlijn hebben gezien en medelijden hadden met onze tourguide die elke dag dezelfde grapjes moet maken over de homo's in Tiergarten, maar vooral omdat we in tijden niet zo nat zijn geregend. Eén tip, vertrouw nooit op weeronline.nl! Van de regen in Berlijn word je niet minder nat dan van de regen in Nederland.
Morgen en vrijdag staan voor mij de eerste 'verplichtingen' voor de deur. 's Ochtendsvroeg even uitvogelen hoe ik zo snel mogelijk van mijn huis naar de universiteit fiets (volgens Google Maps is dit voornamelijk "immer gerade aus"), en dan de introductiedagen voor internationale studenten bijwonen. Leren hoe de computers aan de universiteit werken (en waar ze staan), kijken waar de bibliotheek is en (ook niet onbelangrijk) ontdekken of de Duitse spreekvaardigheid van mijn medestudenten net zo goed is als die van mij.
Tot die tijd ga ik mij bezighouden met het opruimen van mijn optrekje, koffers uitpakken, de was doen, boodschappen halen en vooral: van het weer genieten. Want die zonuurtjes in Duitsland moet je, net als in die Niederlande, koesteren.
dinsdag 22 september 2009
Email to Berlin.
Het is bijna zo ver. Zaterdag vertrek ik dan eindelijk naar Berlijn om stage te lopen! Dat brengt leuke dingen met zich mee, zo kan ik nu bijvoorbeeld de hele dag heel erg vals Email to Berlin zingen, me verbazen over de hoeveelheid kleding die mijn Aneboda herbergt, nagenieten van het geslaagde feestje afgelopen vrijdag en natuurlijk een half jaar rondhuppelen in een van de leukste steden van Europa.
Helaas kleven er ook altijd een paar nadelen aan zo'n tripje over de grens. Niet meer wanneer ik dat wil lepeltje lepeltje in bed kruipen met mijn vriendje bijvoorbeeld, en geen Boer zoekt vrouw meer op zondagavond. Gelukkig is daar uitzendinggemist.nl, als de nagesynchroniseerde televisieprogramma's mij de keel uithangen.
Wat mij momenteel het meest bezighoudt is hoe ik mijn enorme hoeveelheid zooi in twee koffers krijg. En natuurlijk dat ik er ontzettend veel zin in heb!
Voor Skype en/of adresgegevens: schick mir mal 'nen E-Mail!
Helaas kleven er ook altijd een paar nadelen aan zo'n tripje over de grens. Niet meer wanneer ik dat wil lepeltje lepeltje in bed kruipen met mijn vriendje bijvoorbeeld, en geen Boer zoekt vrouw meer op zondagavond. Gelukkig is daar uitzendinggemist.nl, als de nagesynchroniseerde televisieprogramma's mij de keel uithangen.
Wat mij momenteel het meest bezighoudt is hoe ik mijn enorme hoeveelheid zooi in twee koffers krijg. En natuurlijk dat ik er ontzettend veel zin in heb!
Voor Skype en/of adresgegevens: schick mir mal 'nen E-Mail!
donderdag 13 augustus 2009
Een momentje van HUH?!?!?! op Chersonissos.
Soms kijk ik wel eens naar TMF. Ik kan daar excuses voor bedenken, maar hee, het gebeurt. Ik ben namelijk ontzettend geïntrigeerd door programma’s als Wakker worden op vakantie, waarbij ik me constant afvraag wat mensen beweegt een week lang kots aan de muren te smeren en frikadellen te eten bij Piet Patat in Lloret de Mar.
Nog zo’n kek vakantieoord is Chersonissos, het pittoreske stadje op Kreta. Ook hier is TMF prominent aanwezig, in de vorm van DJ Patrick en de olijke presentator Sasha Visser die hier elke dinsdag een niet te missen feestje organiseren: Star Beach. Nu begrijp ik dat je zo’n feestje als bronstige tiener niet kunt missen, want er is niks leuker dan je geslachtsdelen en je Breezer prominent in beeld brengen terwijl je je billen bij elkaar knijpt om de diarree tegen te houden. Maar toen ik daar vanochtend om 11.00 een meisje uit de klas van mijn broertje in teeny weeny string bikini naast Sasha Visser zag dansen, proestte ik toch wel even wat koffie tegen de televisie. Het meisje in kwestie is namelijk veertien jaar. Toen ik zo oud was zette ik net mijn Barbies bij het grofvuil en kocht ik mijn eerste mascara. Mijn moeder had bijkans gezinstherapie aangevraagd als ik op die leeftijd had bedacht naar Chersonissos te gaan. En hoogstwaarschijnlijk zou ze me op zolder opsluiten met Little House on the Prairie op tv.
Graag trek ik nu een bloemetjesjurk uit de kast, zet ik mijn oma-stem op en spreek ik de woorden “Het moet toch niet gekker worden,” uit. In plaats daarvan ga ik wel weer gewoon achter de geraniums zitten en de buren bespioneren.
Nog zo’n kek vakantieoord is Chersonissos, het pittoreske stadje op Kreta. Ook hier is TMF prominent aanwezig, in de vorm van DJ Patrick en de olijke presentator Sasha Visser die hier elke dinsdag een niet te missen feestje organiseren: Star Beach. Nu begrijp ik dat je zo’n feestje als bronstige tiener niet kunt missen, want er is niks leuker dan je geslachtsdelen en je Breezer prominent in beeld brengen terwijl je je billen bij elkaar knijpt om de diarree tegen te houden. Maar toen ik daar vanochtend om 11.00 een meisje uit de klas van mijn broertje in teeny weeny string bikini naast Sasha Visser zag dansen, proestte ik toch wel even wat koffie tegen de televisie. Het meisje in kwestie is namelijk veertien jaar. Toen ik zo oud was zette ik net mijn Barbies bij het grofvuil en kocht ik mijn eerste mascara. Mijn moeder had bijkans gezinstherapie aangevraagd als ik op die leeftijd had bedacht naar Chersonissos te gaan. En hoogstwaarschijnlijk zou ze me op zolder opsluiten met Little House on the Prairie op tv.
Graag trek ik nu een bloemetjesjurk uit de kast, zet ik mijn oma-stem op en spreek ik de woorden “Het moet toch niet gekker worden,” uit. In plaats daarvan ga ik wel weer gewoon achter de geraniums zitten en de buren bespioneren.
maandag 10 augustus 2009
Mijn blender en ik.
Sinds mijn verjaardag, toen hij in mijn leven kwam, zijn mijn blender en ik onafscheidelijk. ’s Ochtends, ’s middags en ’s avonds voorziet hij mij van fruithapjes, smoothies, ijskoffie, pesto, en wat al niet meer. In ruil daarvan poets ik hem elke avond mooi op, spreek hem liefkozend toe en geef hem een kusje voor het slapen gaan. Zoals sommige mensen op hun kat of hond gaan lijken, zo begin ik steeds meer van mijn blender weg te krijgen. Scherpzinnig, fris, fruitig, u kent het wel.
Tot ik vanavond een heerlijke guacamole in elkaar dacht te flansen. Alle ingrediënten netjes door elkaar gemixt, weigert meneer tot op dit moment om zijn deksel los te laten. Dus nu zit ik met een cup guacamole die met geen mogelijkheid open te krijgen is. Ook niet als ik hem onder de hete kraan houd, er een mesje onder probeer te wippen, er een tang op zet, een liefdesliedje zing of de hulp van mijn huisgenootjes inschakel. Muurvast.
Ik voel me dus een beetje in de steek gelaten. Degene met de gouden tip verdient mijn eeuwige dank en toewijding. Heus.
Tot ik vanavond een heerlijke guacamole in elkaar dacht te flansen. Alle ingrediënten netjes door elkaar gemixt, weigert meneer tot op dit moment om zijn deksel los te laten. Dus nu zit ik met een cup guacamole die met geen mogelijkheid open te krijgen is. Ook niet als ik hem onder de hete kraan houd, er een mesje onder probeer te wippen, er een tang op zet, een liefdesliedje zing of de hulp van mijn huisgenootjes inschakel. Muurvast.
Ik voel me dus een beetje in de steek gelaten. Degene met de gouden tip verdient mijn eeuwige dank en toewijding. Heus.
zondag 9 augustus 2009
Ein Zimmer in Berlin.
Mijn kamerzoektocht in Berlijn is in volle gang. Eind augustus ga ik heel decadent ‘even op en neer’ met de trein, om wat kamers te bezichtigen. Als de mensen achter de advertenties mij tenminste terugmailen. Ik ben er namelijk niet zo goed in mijzelf aan te prijzen. Wie wil er nou iemand in huis nemen die het liefst tot midden in de nacht kletskoppen naar binnen schrokt en alle Friends-afleveringen tot in detail kan navertellen? Stel je de advertentie eens voor: “Gekleurde onderbroekenverzamelaar zoekt overwegend roze gekleurde gemeubileerde kamer in Berlijn.” Dat moest anders.
Dus heb ik een Duitstalig prietpraatje over mijzelf geschreven, dat ik op zoek ben naar een WG (want zo heet dat daar, een Wohngemeinschaft), graag ‘Kuchen backe” en “ins Kino gehe”.
Inmiddels heb ik op zo’n twintig advertenties gereageerd en wacht ik in spanning af op de verlossende antwoorden. Een antwoord waar in staat dat ze niet kunnen wachten tot het moment dat ik een taart in elkaar kom flansen en mijn knuffelcollectie in hun huis uitstal. Oh en als u toevallig een kamertje over hebt in Berlijn, schroom niet mij te mailen.
Dus heb ik een Duitstalig prietpraatje over mijzelf geschreven, dat ik op zoek ben naar een WG (want zo heet dat daar, een Wohngemeinschaft), graag ‘Kuchen backe” en “ins Kino gehe”.
Inmiddels heb ik op zo’n twintig advertenties gereageerd en wacht ik in spanning af op de verlossende antwoorden. Een antwoord waar in staat dat ze niet kunnen wachten tot het moment dat ik een taart in elkaar kom flansen en mijn knuffelcollectie in hun huis uitstal. Oh en als u toevallig een kamertje over hebt in Berlijn, schroom niet mij te mailen.
donderdag 11 juni 2009
Drie dingen die ik ga doen als mijn scriptie klaar, af, ingeleverd en voldoende beoordeeld is.
Nummer 1:
Fatsoenlijk Duits leren. Niet dat als ik in oktober naar Berlijn verhuis ik enkel vunzige Duitse uitspraken kan doen, pornografische zinnetjes uitkraam en alleen kan zeggen dat ik 22 Jahre alt bin. Want dan wordt het een láááng semester.
Nummer 2:
Een grote, grote, grote zomerschoonmaak houden. Alle paperassen die ook maar iets te maken hebben met mijn scriptie ritueel verbranden, leeggeplunderde pakken mergpijpen, chocolate chip cookies en chocoladerepen in de prullenbak gooien en een afwasborstel door de geruime hoeveelheid aangekoekte thee- en koffiekopjes halen. Mijn bureau afstoffen, verlopen boeken naar de bibliotheek brengen en mijn miljoenenboete betalen. En gewapend met stofdoek een ontdekkingstocht onder mijn bed organiseren.
Nummer 3:
Mijn bankrekening plunderen en volledig losgaan op bikini's, topjes, rokjes, slippers, peeptoes, broeken, oorbellen, fladderjurkjes, pumps, hemdjes, nagellak en ballerina's.
Nog twee-en-een-halve-week tot ik hopelijk lachend, gierend en brullend in mijn blote kont jodelend een rondje door de straat ren, mijn scriptiebegeleider vol op de mond zoen en met een afgeronde scriptie in de pocket aan de zomervakantie kan beginnen.
Fatsoenlijk Duits leren. Niet dat als ik in oktober naar Berlijn verhuis ik enkel vunzige Duitse uitspraken kan doen, pornografische zinnetjes uitkraam en alleen kan zeggen dat ik 22 Jahre alt bin. Want dan wordt het een láááng semester.
Nummer 2:
Een grote, grote, grote zomerschoonmaak houden. Alle paperassen die ook maar iets te maken hebben met mijn scriptie ritueel verbranden, leeggeplunderde pakken mergpijpen, chocolate chip cookies en chocoladerepen in de prullenbak gooien en een afwasborstel door de geruime hoeveelheid aangekoekte thee- en koffiekopjes halen. Mijn bureau afstoffen, verlopen boeken naar de bibliotheek brengen en mijn miljoenenboete betalen. En gewapend met stofdoek een ontdekkingstocht onder mijn bed organiseren.
Nummer 3:
Mijn bankrekening plunderen en volledig losgaan op bikini's, topjes, rokjes, slippers, peeptoes, broeken, oorbellen, fladderjurkjes, pumps, hemdjes, nagellak en ballerina's.
Nog twee-en-een-halve-week tot ik hopelijk lachend, gierend en brullend in mijn blote kont jodelend een rondje door de straat ren, mijn scriptiebegeleider vol op de mond zoen en met een afgeronde scriptie in de pocket aan de zomervakantie kan beginnen.
vrijdag 5 juni 2009
Over mijn scriptie, en hoe dat gaat.
Zo'n scriptie schrijven, lieve mensen, dat gaat je niet in de koude kleren zitten. Eerlijk is eerlijk, het gaat me so far nog redelijk goed af. Nu heeft dit wel tot gevolg dat mijn vriendinnen me niet meer herkennen op straat en dat ik 's nachts soms recht overeind in mijn bed SPSS-tabelletjes zit te reproduceren. Maar er zit schot in de zaak.
Het enige dat mij echt angst inboezemt, is de naderende deadline voor de prefinale versie. Ik ben namelijk geheel aangewezen op mijn zelfdiscipline, en die is niet bijzonder hoog. Na tien minuten theoretisch kader is het tijd om Nu.nl/achterklap te raadplegen of er nog wereldschokkende gebeurtenissen hebben plaatsgevonden (Kate Winslet gebruikte schaamhaarpruikje! Brad Pitt blijft fris met babydoekjes!). Na een kwartiertje schelden op de tabelfunctie van Word heb ik opeens dringend behoefte aan mijn vijftiende mok sterrenmix, en ja, dan moet je na een halfuur ook weer tijd inlassen voor een toiletbezoek.
Vijftien juni komt akelig dichtbij, en wat doe ik? Ik ga een potje zitten webloggen. Ik denk dat ik de internetkabel maar doorknip en uit het raam flikker.
Het enige dat mij echt angst inboezemt, is de naderende deadline voor de prefinale versie. Ik ben namelijk geheel aangewezen op mijn zelfdiscipline, en die is niet bijzonder hoog. Na tien minuten theoretisch kader is het tijd om Nu.nl/achterklap te raadplegen of er nog wereldschokkende gebeurtenissen hebben plaatsgevonden (Kate Winslet gebruikte schaamhaarpruikje! Brad Pitt blijft fris met babydoekjes!). Na een kwartiertje schelden op de tabelfunctie van Word heb ik opeens dringend behoefte aan mijn vijftiende mok sterrenmix, en ja, dan moet je na een halfuur ook weer tijd inlassen voor een toiletbezoek.
Vijftien juni komt akelig dichtbij, en wat doe ik? Ik ga een potje zitten webloggen. Ik denk dat ik de internetkabel maar doorknip en uit het raam flikker.
Abonneren op:
Berichten (Atom)

